******************************************************************************************************
Indien u dit kunt lezen wordt de onderstaande nieuwsbrief niet correct door uw mailprogramma getoond.
Een correcte HTML weergave van deze nieuwsbrief kunt u zien door het hiernavolgende webadres te kopiŽren
en vervolgens te plakken in uw webbrowser:
http://www.emailnieuwsbrieven.nl/sbo/EcoFys/showarch.asp?LijstID=1123&BriefID=1810&Persoonid=[SysPersoonID]
******************************************************************************************************
 
nr 1
18 november 2003

De handelsmarkt voor CO2-emissierechten die per 1 januari 2005 zal worden ingevoerd in de Europese Unie, zal diep ingrijpen in de wijze waarop bedrijven omgaan met hun emissies. Dat is geen erg gewaagde stelling. Om maar eens een prikkelend getal te noemen: begin 2005 krijgen een paar honderd Nederlandse bedrijven emissierechten toegewezen ter waarde van naar schatting zo'n miljard Euro (gebaseerd op een prijs van € 10/ton CO2).

Een deel van de kandidaat-deelnemers heeft al vanaf de start van de discussies over emissiehandel een grote bemoeienis gehad met de inhoud. Vooral de grote spelers op de toekomstige handelsmarkt voor broeikasemissies hebben er uiteraard belang bij in een vroeg stadium input te leveren voor het systeem en anderzijds informatie in te winnen. Zij zullen goeddeels de handelsmarkt gaan bepalen.

Maar ook de kleinere bedrijven die zo meteen onder het Europese systeem voor emissiehandel gaan vallen zullen binnenkort in actie komen. Hun CO2-emissies krijgen namelijk een prijs; een deel van het hierboven genoemde Miljard kan in de boeken terechtkomen. Daarnaast komt er voor de betrokken bedrijven een nieuwe, aparte vergunning voor het mogen emitteren van CO2 en, daarmee in lijn, een monitoringssysteem voor CO2-emissies dat een eerlijk en adequaat registratiesysteem mogelijk maakt.

Naast de verplichtingen die hierboven staan opgesomd, biedt het emissiehandelssysteem vooral ook kansen. Anders dan in het huidige emissieregime, kunnen bedrijven namelijk investeringen in emissiereductie uitstellen of juist versnellen door gebruik te maken van de mogelijkheden die de emissiemarkt hun biedt. Wie slim omgaat met die mogelijkheden, kan behoorlijk geld verdienen met het reduceren van emissies.

De belangstelling voor de emissiehandel neemt snel toe. Daarvan getuigde het recente congres over Emissiehandel waar zo'n 170 deelnemers waren. Die gaven onder andere te kennen dat zij graag via een – bij voorkeur elektronische – nieuwsbrief op de hoogte willen blijven van de ontwikkelingen rondom emissiehandel. Daaraan geeft de Kerngroep die zich bezighoudt met de toewijzing van de CO2-emissierechten graag gehoor.

Voor u heeft u de eerste Nieuwsbrief CO2-emissiehandel, die vanaf nu ongeveer eens per vier weken zal verschijnen. In een handzaam formaat zal de redactie u efficiŽnt en effectief op de hoogte stellen van het nieuws over emissiehandel dat voor u relevant is. Tezamen met de website van het ministerie van VROM, die meer algemene informatie geeft met betrekking tot de CO2- en ook NOx-emissiehandel, denken wij dat wij met de nieuwsbrief een goed platform te hebben gecreŽerd waarop wij u de belangrijke informatie kunnen sturen en waarop u uw reacties kwijt kunt.

De Kerngroep CO2-Emissiehandel

Op 11 november hebben alle Nederlandse kandidaat-deelnemers aan het Europese systeem voor emissiehandel een brief gekregen van minister Brinkhorst van Economische Zaken. In deze brief verzoekt Brinkhorst om de gegevens over de CO2-emissies in 2001 en 2002 'zorgvuldig in te vullen' en binnen vier weken rechtsgeldig ondertekend terug te sturen.

Eerst zullen de gegevens worden gebruikt om het Toewijzingsplan te maken. In dit plan zal worden aangegeven welk bedrijf hoeveel rechten krijgt in de eerste handelsperiode die loopt van 2005 tot en met 2007. Nadat het plan is voorgelegd aan de Europese Commissie en deze geen bezwaar heeft gemaakt, zal op basis van dat plan een Toewijzingsbesluit worden genomen. Dit besluit formaliseert de hoeveelheid rechten die een bedrijf in de eerste handelsperiode van de Nederlandse overheid krijgt toegewezen.

Volgens de recent gepubliceerde Europese Richtlijn voor emissiehandel zullen verschillende sectoren vanaf 1 januari 2005 (verplicht) onder het systeem voor emissiehandel vallen. Daartoe behoren de energiebedrijven, de metaalindustrie, de delfstoffenindustrie, hout en papier en alle inrichtingen met een totaal thermisch vermogen van 20 megawatt of meer. Volgens een enquÍte onder bedrijven komen in Nederland 335 'inrichtingen' daarvoor in aanmerking, met een totale CO2-emissie van ongeveer 100 miljoen ton per jaar.

Al deze bedrijven moeten hun CO2-emissiegegevens opgeven als eerste stap in de richting van een nieuwe CO2-vergunning. Deelnemers die onder het emissiehandelssysteem zullen gaan vallen, hebben zo'n vergunning nodig naast de 'gewone' vergunning op basis van de Wet Milieubeheer. Zonder zo'n vergunning mag een bedrijf geen CO2 uitstoten. De CO2-vergunninghouder krijgt in februari 2005 de eerste rechten toegewezen, die binnen de EU vrij verhandelbaar zullen zijn. Uiterlijk eind april van het jaar daarop moet het bedrijf een hoeveelheid emissierechten inleveren ter dekking van de totale emissies in 2005.

Het opgaveformulier bevat onder andere een onderdeel waarin het bedrijf wordt getoetst aan de criteria voor deelname in de Europese Richtlijn. Hoofdmoot is het CO2-inventarisatieformulier in verschillende versies, voor de opgave van procesemissies, verbrandingsemissies en emissies uit warmtekrachtcentrales.

De gegevens zullen worden gebruikt als basis voor het Toewijzingsplan voor de eerste handelsperiode. Dit plan, dat bepalend is voor wie wel en wie niet mee gaan doen, moet uiterlijk op 31 maart aanstaande bij de Europese Commissie worden ingeleverd.

Zie voor meer informatie hier.

Bedrijven (officieel: inrichtingen) die per jaar minder dan 25.000 ton CO2 uitstoten kunnen mogelijk buiten het emissiehandelssysteem worden gehouden. De Nederlandse overheid wil dat voorstellen aan de Europese Commissie.

"Het blijkt dat van de 335 geÔdentificeerde bedrijven ongeveer 130 bedrijven minder uitstoten dan dat getal", aldus Hans de Waal van VROM. "Deze bedrijven krijgen bij emissiehandel te maken met een vrij zwaar administratief systeem voor bijvoorbeeld monitoring van de emissies. Dat loont nauwelijks de moeite, want ze zorgen gezamenlijk voor slechts 1,3% van de totale uitstoot onder het regime van de Richtlijn."

In de recente brief met het verzoek om emissiegegevens over 2001 en 2002 kunnen de bedrijven die in beide jaren onder de grens van 25 kiloton blijven aangeven of ze inderdaad niet willen meedoen aan het handelssysteem. De overheid zal vervolgens in het Toewijzingsplan aan de Commissie voorstellen deze groep buiten het systeem te laten. "Wij bespreken deze kwestie met andere lidstaten, die natuurlijk met dezelfde problematiek zitten. We hebben goede hoop dat de Commissie gevoelig is voor onze argumenten", aldus De Waal.

De Richtlijn voor de regeling van de handel in broeikasgasemissierechten in de EU is officieel gepubliceerd in het Official Journal van 25 oktober en is daarmee officieel wet. Om de introductie van emissiehandel per 1 januari 2005 mogelijk te maken moet in het komende jaar een aantal deadlines worden gehaald.

Het algemene tijdschema ziet er als volgt uit:

- Bedrijven moeten uiterlijk op 1 januari 2005 beschikken over een aparte CO2-vergunning. Zonder vergunning mag een bedrijf geen CO2 uitstoten. Dezelfde bedrijven krijgen emissierechten toegewezen. De vergunningsprocedure start begin 2004.
- Lidstaten moeten, door middel van een Nationaal Toewijzingsplan, uiterlijk op 31 maart 2004 aan de Europese Commissie overleggen hoe zij de rechten aan de bedrijven op hun grondgebied gaan toewijzen (zie ook verderop in dit artikel).
- De Europese Commissie toetst alle 'Toewijzingsplannen' (ook Allocatieplannen genoemd). Uiterlijk op 30 september 2004 worden de besluiten over de toewijzing genomen.
- De lidstaten moeten officieel vůůr 31 december 2003 de richtlijn implementeren in hun wetgeving. Mede doordat de officiŽle vaststelling van de richtlijn en de verplichte vertaling daarvan in alle officiŽle talen lang op zich lieten wachten, zal die streefdatum vermoedelijk niet gehaald worden. Overigens zal de Nederlandse wet die de emissiehandel mogelijk moet maken naar verwachting nog dit jaar aan de Ministerraad kunnen worden voorgelegd. Daarna volgt indiening bij de Tweede Kamer.
- Uiterlijk 1 oktober 2004 wordt het Toewijzingsbesluit genomen.
- De daadwerkelijke verlening van de emissierechten voor het jaar 2005 geschiedt uiterlijk op 28 februari 2005 (en ook in de navolgende jaren uiterlijk op 28-2 van dat jaar).
Uiterlijk 30 april 2006 moeten bedrijven rechten inleveren ter dekking van hun CO2-emissie over 2005.

Naast het wetgevingstraject heeft het Toewijzingsplan nu de hoogste prioriteit. Momenteel worden van de kandidaat-deelnemers gegevens opgevraagd teneinde een ontwerp van dit plan te kunnen maken. Het tijdschema van de toewijzing luidt:

- Januari 2004: publicatie van het ontwerp-Toewijzingsplan in de Staatscourant. Start inspraakprocedure.
- 28-2-2004: einde inspraak.
- 31-3-2004: Toewijzingsplan naar Brussel.
- 30-6-2004: oordeel Europese Commissie.
- Juli 2004: ontwerp Toewijzingsbesluit in Staatscourant. Start inspraakprocedure.
- 30-9-2004: vaststelling Toewijzingsbesluit; eventueel start Beroepsprocedures.
- 15-2-2005: beslissing Raad van State op gebundelde beroepen
- 28-2-2005: verlenen van rechten.

Zie ook de Nederlandse tekst van de richtlijn.

Garth Edwards, trading manager 'milieuproducten' van Shell in Londen, denkt dat het komende emissiehandelssysteem niet in handen zal liggen van de milieucoŲrdinatoren bij bedrijven, maar veel eerder bij de financiŽle afdelingen. "Dat zal zeker zo zijn bij de grote handelaars, zoals de energiebedrijven. Bij de kleinere bedrijven zullen de milieu-afdelingen zeer goed moeten communiceren met hun financiŽle afdelingen." Edwards beveelt bedrijven aan nu al ervaring op te doen met CO2-emissiehandel.

De Shell-man sprak tijdens een internationale conferentie over emissiehandel en groencertificaten, afgelopen maand in Kopenhagen. Hij benadrukt dat alle aanstaande deelnemers aan het handelssysteem, dat vanaf 1 januari 2005 in werking moet treden, nu al hun strategie moeten bepalen. "Er zijn een paar dingen die zult můeten doen. Je můet bijvoorbeeld tevoren een vergunning hebben voor CO2-uitstoot, want anders krijg je geen emissierechten toegewezen."

Daar houdt het wat betreft de emissiehandelaar van Shell niet op. Zijn eigen bedrijf gaf al het voorbeeld met het interne, inmiddels beŽindigde emissiehandelssysteem. Begin dit jaar beklonk hij de eerste handelsdeal met de voor-verkoop van emissierechten aan NUON. "Bij het bepalen van je beleid kun je twee dingen doen. Of de reactieve strategie hanteren van de milieuman, die de markt slechts als een laatste redmiddel ziet om aan de eisen te voldoen. Of het proactieve beleid voeren van de 'kapitaalverschaffer', die juist op de markt begint."

Edwards maakt geen geheim van zijn voorkeur voor het laatste. "Alleen daarmee krijg je een robuuste markt, met heldere prijssignalen die investeringen en veranderingen sturen. De voorzichtige aanpak van de strateeg die alleen maar wil voldoen aan de milieu-eisen voorkomt juist die investeringen, zwakt de milieuresultaten af en laat de economische kosten toenemen."

Niettemin heeft ieder bedrijf een keus of het nu al of niet in de handel stapt. "Een vroege actie vraagt natuurlijk ook om vroege uitgaven. Je kunt ook wachten tot het moment dat je pas ťcht hoeft te handelen. Volgens mij hoeft dat pas in het eerste kwartaal van 2007, want dan hoef je pas de eindafrekening op te maken van je emissierechten over de eerste periode. Maar dan ben je wel afhankelijk van de prijzen die dan gelden, en die kunnen overspannen zijn."

Edwards pleit ervoor nu al ervaring op te doen met handel. Maar, zo realiseert hij zich, dat is dan in eerste instantie voor de 'grote jongens' op de handelsmarkt. "De kleinere deelnemers zullen zich niet uit alle macht op de markt storten maar de handel in emissierechten uitbesteden, aan hun financieel adviseurs of aan brokers."

Deze nieuwsbrief wordt aan u verstuurd door de ministeries van EZ en VROM en door VNO-NCW, die gezamenlijk de Kerngroep CO2-Emissiehandel vormen. De nieuwsbrief staat onder redactie van Ecofys Publishing (eindredacteur Rolf de Vos).