nr 2
4 december 2003

Over een paar dagen (op maandag 8 december) verloopt de deadline van de opgave van emissiegegevens over 2001 en 2002. MJA- en benchmark-bedrijven lijken weinig problemen te ondervinden met invullen.

In de afgelopen drie weken hebben zo'n twintig medewerkers van Novem en van het Verificatiebureau Benchmarking aan de telefoon vele vragen beantwoord van bedrijven die bezig zijn met hun
opgaveformulieren. Zo'n 350 bedrijven zijn daarvoor aangeschreven. "Aan de hand van de vragen die we binnenkregen, kunnen we concluderen dat de aanvraag zeer serieus wordt opgepakt door de bedrijven", aldus Wil Nuijen van Novem.

Niet toevallig was het textielveredelingsbedrijf Vlisco uit Helmond de eerste die de gegevens aanleverde. Hans de Ruiter, site-manager en hoofd KAM is eerder op eigen verzoek betrokken bij één van de werkgroepen die de introductie van emissiehandel begeleiden: "Maar ik heb één van mijn medewerkers de formulieren in laten vullen. Die is niet op noemenswaardige problemen gestuit."

'Verhoudingsgewijs eenvoudig', noemt De Ruiter het invullen, want de gegevens stonden bij Vlisco – deelnemer aan het Benchmark Convenant – toch al op een rij. "Die gegevens moeten we ook in het milieujaarverslag zetten. Een kwestie van gasverbruik en wat omrekeningsfactoren, meer niet." Vlisco valt waarschijnlijk net boven de grens van 25 kiloton en zal dus in ieder geval aan de emissiehandel deelnemen.

Dat geldt niet voor Ferro Holland, chemiebedrijf in onder andere Rotterdam. Ook Ben Roctus, facility manager van de Nederlandse vestigingen, had geen problemen met invullen. "Wij zitten in MJA2, en ook daar hebben we die gegevens voor nodig. Wel heb ik aangegeven zo mogelijk niet aan het systeem voor CO2-emissiehandel te hoeven deelnemen. We doen al mee aan MJA2 en NOx-emissiehandel, dus bij CO2-emissiehandel kijk ik liever eerst de kat uit de boom."

Bij de papierbedrijven, verenigd in de VNP (Vereniging Nederlandse Papier- en Kartonindustrie) gaan alle opgaven eerst langs branchesecretaris energie Marco Mensink. "Bij onze bedrijven zijn de belangrijkste aandachtspunten hoe we het gebruik van biogas moeten meerekenen en wat er uiteindelijk met alle CO2-getallen gebeurt. Voor de bedrijven die onder de 25 kiloton CO2-emissie vallen, was het vooral de vraag wat de kansen en risico's zijn van hun besluit al of niet onder de emissiehandel te willen vallen. Maar het invullen op zichzelf was ook hier geen probleem, want alle bedrijven zitten al in het benchmark convenant."

De 'helpdesks' bij Novem en het Verificatiebureau Benchmarking beleefden afgelopen weken spitsuur. Wil Nuijen van Novem: "Een bijzondere vraag was bijvoorbeeld hoe een bedrijf wordt behandeld als het een warmtekrachteenheid in gebruik neemt, in plaats van een eigen ketel plus inkoop van elektriciteit. De efficiency neemt toe, maar omdat dan de elektriciteitsproductie voor rekening van het bedrijf zelf komt, nemen de bedrijfsemissies ook toe. Een andere vraag was van een tuinbouwbedrijf dat een wkk op de groei heeft gekocht. Dat vroeg wat er gebeurt als het areaal in de loop der jaren wordt uitgebreid."

Nuijen is tevreden over de respons van de bedrijven. "Men stelt de goede vragen. Het is niet zo gek dat we nog niet alle gegevens binnenhebben want het is complexe materie. Maar het loopt nu hard, de formulieren komen met tientallen tegelijk binnen. Ik heb goede hoop dat de gegevens van alle bedrijven op 8 december binnen zijn."


Vorige week hebben de lidstaten van de EU ingestemd met voorstellen van de Commissie voor de richtsnoeren voor monitoring van CO2-emissies. Monitoring van gegevens wordt cruciaal in het emissiehandelssysteem.

De richtsnoeren betreffen de eisen die lidstaten aan installaties (inrichtingen) moeten opleggen over de wijze waarop bedrijven hun CO2-emissies in detail moeten gaan bijhouden, inclusief de eis tot het laten verifiëren van die emissies. Het besluit, waarmee het Europese Parlement nog moet instemmen, heeft dus directe consequenties voor de bedrijven die gaan deelnemen aan de emissiehandel.

Vanaf 1 januari 2005 zullen de Nederlandse bedrijven hun CO2-emissies nauwkeurig bij moeten houden volgens een vooraf goedgekeurd protocol. Na afloop van een jaar legt het bedrijf door middel van een Emissieverslag (EV) verantwoording af over de eigen emissies. De gegevens in het verslag moeten door een onafhankelijke derde worden geverifieerd. Daarna wordt beoordeeld of het bedrijf voldoende emissierechten heeft om de geverifieerde emissies af te dekken.

Reeds in de komende lente zullen de meeste bedrijven worden geconfronteerd met monitoring van CO2- en NOx-emissies, want dan zullen bedrijven worden uitgenodigd protocollen voor monitoring op te stellen. Het monitoringsprotocol is het belangrijkste onderdeel van de emissievergunning voor CO2 die door de inrichting bij de Nederlandse Emissie-autoriteit (NEa) moet worden aangevraagd. Zonder emissievergunning krijgt een inrichting geen emissierechten en mag deze ook niet handelen in emissierechten.

Daarbij kunnen bedrijven een voorbeeld nemen aan pilots die nu lopen bij een achttal bedrijven. Die pilots worden begeleid door een werkgroep die de monitoring van zowel NOx als CO2 in goede banen wil leiden. Chris Dekkers (VROM), lid van de werkgroep: "De proeven met protocollen lopen voorspoedig. Twee voorbeelden van protocollen voor zowel NOx als CO2 worden in december-januari opgesteld. Aan de hand van de ervaringen kunnen we een Programma van Eisen voor Monitoring opstellen. Tijdens het symposium eind januari zullen het Programma van Eisen en de twee protocollen worden gepresenteerd." Daarna zullen ook de andere tien proefprotocollen worden getoetst, waarna deze als voorbeelden, rond 1 maart 2004, voor gebruik beschikbaar zullen komen voor andere bedrijven.

De bedrijven zijn momenteel ook bezig met hun emissiegegevens, maar dan die over 2001 en 2002. Deze gegevens vormen een voorfase voor de CO2-vergunningsaanvraag en zullen ook dienen als basis voor een Toewijzingsplan van emissierechten (zie Nieuwsbrief nr. 1). De opgave, die uiterlijk volgende week bij Novem binnen moet zijn, zal worden getoetst aan gegevens uit het benchmarkconvenant of meerjarenafspraken.

In navolging van een achttal workshops over monitoring van CO2 en NOx in de afgelopen maanden, vinden in de komende weken nog vier workshops plaats, namelijk:
· 11 december 2003: Golden Tulip – Beekbergen.
· 14 januari 2004: Golden Tulip - Den Haag.
· 20 januari 2004: Aristo – Eindhoven.
· 22 januari 2004: Best Western – Roden.
De workshops zijn uitsluitend toegankelijk voor de bedrijven die aan emissiehandel gaan deelnemen. Bedrijven zijn reeds uitgenodigd, maar er zijn nog enkele plaatsen beschikbaar. Opgeven via pauline.vandenbosch@minvrom.nl of faxen naar 070-3391394.

Nog voordat het systeem voor emissiehandel goed en wel is ingevoerd (per 1 januari 2005) wordt er al gehandeld. Deze week vonden de eerste transacties van NOx-emissierechten plaats via een nieuw handelsplatform.

Er zijn in Nederland nu twee handelsplatforms, www.emissiebeurs.nl en www.newvalues.net. De laatste presenteerde zich deze week aan de pers met een nieuwtje. "Vier partijen hebben deze week drie contracten gesloten voor NOx-emissierechten", meldde New Values-directeur Axel Posthumus, die geen uitsluitsel kon geven over volumes en prijzen. "Dat hebben we zo afgesproken met de partijen. Maar uiteindelijk is transparantie in de prijs het belangrijkste doel van ons handelsplatform." De vier partijen zijn Essent, Nuon, Shell en AVR (Afval Verwerking Rijnmond). De emissiebeurs meldt nog geen transacties. "Maar er hebben zich wel al gegadigden voor lidmaatschap aangemeld", aldus directeur Arend Smit.

Beide platforms bieden nu de mogelijkheid voor handel in NOx. New Values biedt tevens de mogelijkheid voor handel in groencertificaten. Beide concurrenten hebben het voornemen om voor medio volgend jaar een platform voor CO2 in de lucht te hebben.

Axel Posthumus van New Values: "We verwachten niet dat er grote volumes NOx-rechten zullen worden verhandeld. We nemen vast een voorschot op de veel grotere CO2-emissiehandel. De ervaringen kunnen we in veel gevallen één op één overzetten op CO2-emissiehandel." In dat licht moeten ook de eerste transacties over New Values worden gezien. "Er is nu nog geen wetgeving, maar vooruitlopend daarop kun je het allemaal wel een keer proberen: de afhandeling, de contracten, enzovoort."

VROM overweegt om, naast emissiehandel in CO2 en NOx, ook handel in andere milieurechten in de toekomst mogelijk te maken.

Tijdens de behandeling van de begroting van het ministerie van VROM in november in de Tweede Kamer heeft staatssecretaris Van Geel van Milieu toegezegd in het voorjaar te komen met een notitie over sturing van het milieubeleid. Van Geel vond de suggestie van PvdA-Kamerlid Samsom om de mogelijkheden voor andere handelssystemen voor milieurechten te overwegen 'waardevol'.

Samsom ziet de handel vooral als aantrekkelijk instrument in 'vastgelopen dossiers', zoals geluid en bodemsanering. "Directe sturing met regelgeving werkt daar niet zo goed, dus wil ik daar een financiële prikkel. Dan kan door schaarste te creëren. Ik zie dat graag ingezet op geluid en bodemsanering, maar bijvoorbeeld ook bij duurzame energie met verhandelbare groencertificaten die gebruikt worden om te voldoen aan een verplicht percentage duurzame energie."

"Ik vind verhandelbare emissierechten een prima instrument. Ik wil daar wel een kanttekening bij maken", reageerde Van Geel in de Kamer. "Als je met verhandelbare rechten gaat werken, zal dat kostenverhogend werken voor burgers en bedrijven. Het móet ook geld kosten, want anders werkt de schaarste niet. Het aardige van deze methodiek is wel dat zij kosteneffectiever is dan andere. Dit alles lijkt mij goed om straks een goed debat over te voeren."

Dat debat zal worden gevoerd naar aanleiding van de toegezegde notitie, die naar verwachting dit voorjaar aan de Kamer wordt gestuurd.

Op 29 januari zullen alle betrokkenen hun licht kunnen opsteken bij een symposium over CO2- en NOx-emissiehandel in het Rotterdamse World Trade Center.

Onderwerpen die aan de orde komen zijn onder meer monitoring, het toewijzingsplan voor emissierechten voor CO2 en de beoogde rol van de Nederlandse Emissie Autoriteit (NEa).

In de volgende nieuwsbrief vindt u een verwijzing naar het volledige programma.

Deze nieuwsbrief wordt aan u verstuurd door de ministeries van EZ en VROM en door VNO-NCW, die gezamenlijk de Kerngroep CO2-Emissiehandel vormen. De nieuwsbrief staat onder redactie van Ecofys Publishing (eindredacteur Rolf de Vos).