******************************************************************************************************
Indien u dit kunt lezen wordt de onderstaande nieuwsbrief niet correct door uw mailprogramma getoond.
Een correcte HTML weergave van deze nieuwsbrief kunt u zien door het hiernavolgende webadres te kopiŽren
en vervolgens te plakken in uw webbrowser:
http://www.emailnieuwsbrieven.nl/sbo/EcoFys/showarch.asp?LijstID=1123&BriefID=4358&Persoonid=[SysPersoonID]
******************************************************************************************************
 
Nr.18
20 oktober 2004
Inhoud

Zo'n 350 bedrijven krijgen vanaf vrijdag een brief toegestuurd met daarin het definitieve toewijzingsbesluit. In dit besluit staat het aantal toegewezen emissierechten per bedrijf in de eerste handelsperiode van drie jaar.

Met de publicatie van het toewijzingsbesluit (aanstaande vrijdag in de Staatscourant) en de wet op de CO2-emissiehandel (op 20 oktober in het Staatsblad) kan de emissiehandel door Nederlandse bedrijven op 1 januari definitief van start. Vanwege twee zogenoemde 'optout'-regelingen, zullen waarschijnlijk 200 Nederlandse bedrijven uiteindelijk gaan deelnemen aan het Europese systeem voor CO2-emissiehandel.

Van de 350 bedrijven (officieel: inrichtingen) die vanaf begin volgende week de brief in de bus krijgen, hebben 93 inrichtingen met een relatief kleine CO2-uitstoot al Europese toestemming om tot 2008 buiten het emissiehandelssysteem te mogen blijven. Zij krijgen dan ook geen rechten toegewezen. Nog eens 49 bedrijven willen gebruik maken van deze 'opt out' voor kleine emittenten, terwijl wellicht een tiental (grotere) bedrijven gebruik kan maken van de mogelijkheid om wegens aangetoond concurrentienadeel buiten het systeem te blijven (zie ook elders in deze nieuwsbrief).

Beide laatste groepen moeten nog wachten op Europese toestemming en krijgen een zogenoemde 'voorwaardelijke toewijzing'. Wettelijk wordt het mogelijk om de toewijzing ongedaan te maken als de lopende opt out aanvragen in Brussel worden goedgekeurd. De lijst met bedrijven die een voorwaardelijk toewijzing krijgen zal voor de genoemde tweede tranche van 49 bedrijven in de 'kleine' opt out in de Staatscourant worden gepubliceerd, op hetzelfde moment als het toewijzingsbesluit.

In het nationale toewijzingsbesluit wordt de toewijzing per bedrijf uitgebreid gedocumenteerd. Het wettelijke besluit van staatssecretaris Van Geel van VROM en minister Brinkhorst van EZ bevat een aantal bijlagen. Er is een algemene toelichting op het besluit. Daarnaast bevat het besluit de lijst met toewijzingen per inrichting. Ook is er een bijlage met, per ingebrachte 'zienswijze' van algemene aard op het ontwerp-toewijzingsbesluit van eind augustus, een reactie daarop. Ook vinden bedrijven een vertrouwelijke toelichting op het berekende aantal emissierechten en de eventuele wijzigingen daarin.

Reacties

Bij EZ en VROM kwamen in zo'n 120 reacties ('zienswijzen') binnen. Ongeveer twintig procent daarvan zijn reacties op de cijfers in het ontwerp. Veel van deze voorstellen waren zodanig gemotiveerd dat zij konden worden gehonoreerd. Het gaat daarbij om minimale wijzigingen. Overigens betekenen veranderingen in de toegewezen hoeveelheid emissierechten dat er bij bedrijven in dezelfde sector ook tegengestelde veranderingen plaatsvinden. Arnoud Walrecht van EZ: "De afgesproken regels voor de allocatie zorgen ervoor dat wat er bij de een bijkomt, er bij de andere afgaat."

Een groot aantal reacties betrof het allocatieplan zelf, de gehanteerde rekenregels en de formulering daarvan. "Die reacties zijn niet behandeld, omdat het allocatieplan, met het akkoord van de Europese Commissie, definitief is vastgesteld", zegt Walrecht. Bedrijven die een reactie hebben ingezonden krijgen via de brief antwoord, in een algemeen deel en een vertrouwelijk deel.

Vanaf de stempeldatum van de brief hebben bedrijven zes weken lang de tijd om tegen de toewijzing in beroep te gaan bij de Raad van State. "De ervaring in andere lidstaten leert dat er ongetwijfeld een paar bedrijven in beroep zullen gaan", schat Walrecht.

Overeenkomstig de EU-Richtlijn zal uiterlijk 28 februari 2005 de Nederlandse Emissieautoriteit het toewijzingsbesluit uitvoeren, hetgeen betekent dat de emissierechten op dat tijdstip worden verleend aan alle bedrijven die een vergunning hebben.

De Nederlandse Emissieautoriteit in oprichting (NEa) voorziet dat verreweg de meeste bedrijven op 1 januari 2005 hun vergunning voor CO2-emissiehandel binnen zullen hebben.

Medio oktober waren bij de NEa 247 monitoringsprotocollen ingediend, waarvan tien procent na de deadline van 1 oktober 2004. "Nog regelmatig komen protocollen binnen. Maar ook hiervoor zullen wij ons inspannen om vůůr 1 januari een vergunning af te kunnen geven", zegt Geert van Grootveld van de NEa. Alle 225 tijdig ingediende protocollen zijn getoetst op volledigheid aan de hand van het Programmavan Eisen en worden nu getoetst op de inhoud door DHV, KEMA, Tebodin en Infomil.

"De kwaliteit van de protocollen is goed, mede doordat er een set van voorbeelden was en een inzichtelijk Programma van Eisen", zegt Van Grootveld. "Het zal ongetwijfeld een zware klus zijn geweest voorde bedrijven, maar het zij tot troost dat het zwaarste werk gedaan is. In volgende jaren hoeven alleen de veranderingen te worden gemeld."

Alle 225 protocollen zijn voorgelegd aan het bevoegd gezag van de Wet Milieubeheer (provincies en gemeenten), dat vier weken de tijd krijgt om te reageren. Daarna wordt een lijst van conceptvergunningen gepubliceerd in de Staatscourant, waarop alle betrokken partijen vier weken lang bezwaar kunnen maken. Publicaties van lijsten worden voorzien op 15, 22 en 29 november, zodat vůůr 1 januari de meeste vergunningen rond zullen zijn. Grootveld: "We beginnen eerst met CO2. Uiteindelijk zullen er tussen de 250 en 300 vergunningen zijn, voor emissiehandel van zowel CO2 als NOx." Reeds 23 protocollen zijn al zo ver aangepast en besproken met de bedrijven dat zij 'vergunbaar' zijn.

Register

Ook het ontwerp van het register voor de registratie van emissierechten zal tijdig gereed zijn. Onder supervisie van het Britse ministerie van milieu DEFRA bouwen acht landen (naast Nederland ook Zweden, Denemarken, SloveniŽ, ItaliŽ, Ierland en Noorwegen) een gezamenlijk systeem voor registratie. De Fransen zijn, onder andere samen met Duitsland, bezig met een eigen systeem. "Maar dat zal moeten voldoen aan dezelfde eisen en het moet uiteindelijk via een centraal systeem in Brussel ook communiceren met ons register", aldus Van Grootveld.

Het register wordt momenteel getest. "We zullen ruim op tijd klaar zijn zodat eind februari de emissierechten kunnen worden verleend", voorspelt Van Grootveld. "Tijdens de grootschalige demonstratie is gewerkt met een tijdelijk register, waarbij de transacties handmatig moesten worden ingevoerd. Hierdoor vond de verwerking langzamer plaats dan in het echte register, waarin alle handelingen automatisch en via het web plaats zullen vinden."

Volgende week neemt minister Brinkhorst een definitief besluit over het verzoek van zo'n 25 bedrijven om wegens concurrentienadeel niet te hoeven deelnemen aan het Europese systeem voor emissiehandel.

Ongeveer 25 bedrijven met een gezamenlijke uitstoot van negen miljoen ton CO2 hebben zich bij de overheid aangemeld met het verzoek om buiten het Europese emissiehandelssysteem te mogen blijven wegens concurrentienadeel ten opzichte van bedrijven in lidstaten met iets andere regels omtrent deelname. Daarvan zijn enkele bedrijven die minder dan 25 kiloton per jaar uitstoten en op basis van de regeling voor kleine emittenten buiten het systeem kunnen blijven.

Uiteindelijk zullen vermoedelijk minder dan tien verzoeken door Brinkhorst worden gehonoreerd. Voor de analyse van de verzoeken en hun documentatie en argumentatie, heeft de overheid een onafhankelijke 'derde' ingehuurd, namelijk het internationale bureau Ecofys."Meer dan de helft van de verzoeken blijkt niet te voldoen niet aan de voorwaarde dat er aantoonbaar sprake moet zijn van substantieel concurrentienadeel", zegt Jeroen Brinkhoff van EZ. "Dat lijkt streng, maar als we niet kritisch naar alle aanmeldingen kijken, lopen we het risico dat we geen goedkeuring van Brussel krijgen. Dan verpesten de slecht gedocumenteerde aanmeldingen het voor de gerechtvaardigde verzoeken."

Uiterlijk vrijdag 29 oktober zal de betreffende lijst worden gepubliceerd in de Staatscourant. Bedrijven kunnen dan alsnog via normale wegen in beroep gaan.

De Grootschalige Demonstratie Emissiehandel is op 30 september afgesloten. Veel bedrijven hadden moeite om aan het einde van de proef (voldoende) rechten in te leveren.

Het ministerie van VROM organiseerde de Grootschalige Demonstratie om procedures rond emissiehandel voor zowel CO2 als NOx uit te testen voordat de echte handel op 1 januari van start gaat. Komende maand verschijnt er een rapportage over de invoering van de emissiehandel, die wordt aangeboden aan het kabinet. Tevens komt er een overzicht van alle geleerde lessen uit de demonstratie. "Met name in de eindfase hebben we de procedures onderschat", zegt programmacoŲrdinator Hans Warmenhoven van Spin Consult. "Maar alle partijen hebben er veel van geleerd."

Veel problemen deden zich voor bij het invullen van de emissieverslagen. Deelnemers vonden het lastig om ze nauwkeurig in te vullen. "Soms werd niet de juiste normwaarde ingevuld voor NOx-emissies of werd een optelling niet helemaal juist uitgevoerd", licht Warmenhoven toe. "Uit deze proef blijkt dat je vooral in de eindfase heel secuur te werk moet gaan. Het format van de verslagen bleek niet altijd duidelijk en deze zal waarschijnlijk aangepast moeten worden."

Ook het register waarin alle transacties worden bijgehouden gaf moeilijkheden in de eindfase. Op de handelsplatforms werd veel gehandeld, maar uiteindelijk moesten bedrijven transacties doorvoeren in het register. Dit bleek vaak lastig te zijn. Veel bedrijven wisten nog niet hoe het register precies werkte, waardoor soms verkeerde gegevens doorgegeven zijn. "Het uiteindelijke register wordt weliswaar klantvriendelijker dan het voorlopige register dat we nu gebruikten, maar het is wel duidelijk dat communicatie en begeleiding hier erg belangrijk zijn."

Prijsdaling

Uit de eerste handelanalyse blijkt dat er in totaal dertien procent meer CO2-rechten zijn gealloceerd dan bedrijven nodig hadden. De prijs voor een ton CO2, die een tijd lang tussen de tien en dertien Demo-Euro fluctueerde, daalde door deze overallocatie uiteindelijk naar ťťn Demo-Euro. Ondanks deze ruimte hebben vijf van de 35 deelnemende bedrijven toch te weinig rechten ingeleverd. "Sommige bedrijven hebben toch te weinig ingekocht of te veel verkocht, omdat het in de praktijk lastig bleek in te schatten hoeveel een bedrijf precies nodig heeft", licht Warmenhoven toe. "Een bedrijf moet een link leggen tussen operaties (de werkelijke emissies) en de handel. Als de communicatie tussen die twee niet goed verloopt, dan gaat het fout."

In tegenstelling tot die van CO2, werden de emissierechten voor NOx naar het einde toe steeds schaarser. Uiteindelijk was er een tekort van zes procent. Zeven bedrijven leverden uiteindelijk onvoldoende rechten in. "De NOx-markt was krapper dan die van CO2", vertelt Warmenhoven. "Maar de schaarste was voor een deel te wijten aan de selectie van bedrijven voor de Demonstratie."

Ondanks de schaarste daalde ook de NOx-prijs uiteindelijk, en wel van twee naar 0,25 Demo-Euro. Warmenhoven schrijft dit toe aan het niet zo goed functioneren van de markt. "We merkten dat deelname van bedrijven aan de Demonstratie aan het einde wat afnam", zegt Warmenhoven. "In het begin liep het goed, maar later waren bedrijven minder actief met het verwerven van voldoende rechten. Misschien dat ze er geen tijd meer voor hadden. Een aantal bedrijven heeft zelfs helemaal geen rechten ingeleverd."

Winnaar van de Demonstratie was Electrabel, dat de meest effectieve handel heeft gevoerd, het hoogste financiŽle rendement heeft gehaald en daarbij voldoende rechten heeft ingeleverd. De tweede en derde plaats zijn achtereenvolgens voor Ruigenhil Vastgoed (NedStaal) en Nerefco bv. In totaal hebben er zeventig transacties van CO2-rechten plaatsgevonden, wat overeenkomt met elf procent van wat er totaal was uitgegeven. Bij NOx waren het 66 transacties, in totaal 23 procent van alle uitgegeven rechten.

De Russische regering onder leiding van president Putin gaf op 30 september goedkeuring aan het Kyoto Protocol. Naar verwachting zal het Russische parlement in haar vergadering van 22 oktober de toetreding goedkeuren. Het protocol kan 90 dagen na de ratificatie in werking treden.

Tot voor een maand geleden aarzelde Moskou nog, maar nu wil het toch ratificeren. Een doorslaggevende factor zou zijn dat de Europese Unie in ruil Rusland zou steunen in de toetreding tot de Wereld Handel Organisatie (WTO). De Duma, het Russische parlement, moet het plan nog wel goedkeuren, maar omdat Putin's partij een meerderheid vormt, is een afwijzing onwaarschijnlijk.

De deelname van Rusland is nodig voor het in werking treden van het Kyoto Protocol. Volgens afspraak gebeurt dit namelijk alleen als alle landen die meedoen samen meer dan 55% van de mondiale CO2-emissies veroorzaken. Rusland representeert zeventien procent van mondiale emissies, wat het totaal op 61 procent zou brengen.

De ratificatie van Rusland kan een toename betekenen van de liquiditeit van de markt voor emissiehandel. Het totaal aantal beschikbare CO2-rechten neemt immers toe. De Russische toetreding zou ook de prijs van de emissierechten kunnen drukken, mogelijk tot rond de vijf Euro per ton. In Rusland zijn namelijk relatief goedkope opties voor emissiereducties aanwezig. Op dit moment fluctueert de waarde in Europa tussen de acht en negen Euro per ton.

Verkiezingen

De Verenigde Staten, verantwoordelijk voor 35 procent van de mondiale uitstoot, sluiten zich nog steeds uit van deelname aan Kyoto. Een overwinning van presidentskandidaat John Kerry maakt Kyoto wellicht bespreekbaar, maar George Bush heeft nog steeds geen intenties tot ratificatie. Desondanks blijven diverse landen bij de VS aandringen, waaronder de Britse en Japanse overheid eerder deze maand.

In AustraliŽ is Kyoto in elk geval definitief van de baan. De Labor Party wilde het Protocol ratificeren, maar President John Howard, tegenstander van Kyoto, werd begin oktober herkozen. Desondanks heeft een aantal staten in AustraliŽ eigen handelssystemen opgezet. Zonder nationale ratificatie van Kyoto echter kan deze emissiemarkt niet worden aangesloten op die van Europa of op de toekomstige handelssystemen in Japan en Canada. AustraliŽ heeft 's werelds grootste emissie per inwoner.

De Europese Commissie heeft vanochtend een tweede tranche van acht nationale allocatieplannen goedgekeurd. In totaal zijn nu zestien plannen goedgekeurd.

De plannen van BelgiŽ, Estland, Litouwen, Luxemburg, Slowakije en Portugal zijn integraal goedgekeurd, de plannen van Finland en Frankrijk slechts voorwaardelijk. Finland moet nog een aantal toewijzingen aan installaties specificeren. De Fransen moeten meer huiswerk doen. Frankrijk moet het aantal emissierechten nog verminderen met 4,5 miljoen ton naar 371,1 miljoen ton, terwijl er ook nog 750 installaties aan de lijst in het allocatieplan moeten worden toegevoegd, op grond van de deelname van soortgelijke bedrijven in andere goedgekeurde plannen.

Opvallende afwezigen in het nieuwe lijstje met goedgekeurde plannen zijn Polen en ItaliŽ. Beide landen hadden hun plan bijtijds ingediend, maar blijkbaar waren beide plannen nog niet toe aan een (voorwaardelijke) goedkeuring. Beide plannen hadden ruime toewijzingen. Met de tweede tranche zijn nu 2100 inrichtingen toegevoegd, waarmee in totaal 7100 van de naar schatting 12.000 installaties in de gehele EU onder een goedgekeurd allocatieplan vallen. Uitgezonderd Griekenland, dat bijna zo ver is, hebben alle lidstaten nu een allocatieplan ingediend.

Zie ook het persbericht en nadere informatie.

De ministeries van EZ en VROM organiseren op 23 november het congres 'Emissiehandel in Uitvoering' te Rotterdam. Doel is alle betrokkenen op de hoogte te brengen van de laatste ontwikkelingen, voordat de emissiehandel van start gaat.

Op dit moment vinden de laatste voorbereidingen plaats voor de start van de handel op 1 januari. Inmiddels zijn er 247 monitoringsprotocollen ingediend en is het wetsvoorstel om handel in CO2 emissierechten mogelijk te maken ongeschonden door de Eerste en Tweede kamer gekomen. In de komende maanden worden de puntjes op de i gezet.

Om betrokkenen in te lichten over de stand van zaken, organiseren de twee ministeries op dinsdag 23 november dit congres in het Beurs - World Trade Center te Rotterdam. Uitgenodigd zijn bedrijven die mogelijk met de handel te maken krijgen, brancheorganisaties, het bevoegde gezag Wet Milieubeheer en de consultancy- en adviesbranche. Aandacht zal op het congres uitgaan naar de stand van zaken rond de wetgeving, werking van het register, monitoring en verificatie. Daarnaast wordt dit keer uitgebreid stil gestaan bij de financiŽle kant van de handel. Het programma duurt van 10.00 tot 16.30 uur. Een voorlopig programmaoverzicht is hier te vinden.

Wilt u deelnemen aan het congres, meldt u zich dan zo snel mogelijk aan via de website. Aanmelding is alleen mogelijk via deze site. De organisatie behoudt zich het recht voor prioriteit bij inschrijving toe te kennen. Voor vragen over het congres kunt u terecht bij: JVN Congres Management, tel. 033 – 479 99 98 of 06 23 36 63 37, info@jvncongress.nl

Het congres is een initiatief van de Kerngroep 'CO2 Emissiehandel'en het kernteam 'NOx Emissiehandel'. Hierin participeren VROM, EZ en VNO-NCW.

Deze nieuwsbrief wordt aan u verstuurd door de ministeries van EZ en VROM en door VNO-NCW, die gezamenlijk de Kerngroep CO2-Emissiehandel vormen. De nieuwsbrief staat onder redactie van Ecofys Publishing (eindredacteur Rolf de Vos).