******************************************************************************************************
Indien u dit kunt lezen wordt de onderstaande nieuwsbrief niet correct door uw mailprogramma getoond.
Een correcte HTML weergave van deze nieuwsbrief kunt u zien door het hiernavolgende webadres te kopiŽren
en vervolgens te plakken in uw webbrowser:
http://www.emailnieuwsbrieven.nl/sbo/EcoFys/showarch.asp?LijstID=1123&BriefID=6426&Persoonid=[SysPersoonID]
******************************************************************************************************
 
nr. 25
28 juni 2005

De Europese Commissie zal in het laatste kwartaal van dit jaar komen met een nadere uitleg van enkele aspecten van de Richtlijn voor Emissiehandel. De 'guidance' is bedoeld om landen te helpen bij de voorbereiding van het toewijzingsplan voor de tweede handelsperiode (vanaf 2008).

Peter Zapfel van de Europese Commissie bevestigt dit voornemen, al kan hij nog niet aangeven welke onderwerpen er in de 'guidance' opgenomen zullen worden. De Commissie komt met de guidance omdat zij uitsluit dat op korte termijn nog wijzigingen in de Richtlijn kunnen worden aangebracht. Dergelijke wijzigingen zouden nog door het Parlement moeten worden goedgekeurd.

Aan de orde komen vermoedelijk zaken als nieuwkomers en de definitie van 'verbrandingsinstallaties'. "Ik heb horen verluiden dat de Commissie de 'brede definitie' aanhangt", zegt Paul van Slobbe van EZ. "Dat betekent dat alle verbrandingsinstallaties onder het systeem vallen, zoals we in Nederland willen. Maar dat wil ik eerst zien voordat ik het geloof." Bovendien is het richtsnoer niet bindend voor de lidstaten, al heeft het wel degelijk zeggingskracht. "Het is wel bindend voor de Commissie zelf, maar de lidstaten zullen we moeten overtuigen van de voordelen van ons richtsnoer", aldus Zapfel.

De kans op uitsluiten van de 'kleine emitters' in de tweede handelsperiode – zoals onder andere Nederland en Duitsland willen – is nu heel klein, mede omdat aanpassing van de Richtlijn wordt uitgesloten. De Richtlijn sluit een opt-out van deze kleinere partijen voor de tweede handelsperiode namelijk uit. Er is ook verdeeldheid over onder de lidstaten. Wel wordt onderzocht hoe de kosten voor deze bedrijven zo laag mogelijk kunnen worden gehouden. Daarbij wordt met name gedacht aan het vereenvoudigen van de monitoring- en rapportage verplichtingen voor de kleinere, meer eenvoudige bedrijven.

De guidance die de Commissie gaat opstellen werd vorige week aangekondigd tijdens de Werkgroep III van het Climate Committee van lidstaten. Tijdens de vergadering van die Werkgroep gingen al stemmen op dat de publicatie van de guidance in december 2005 te laat zou zijn om de elementen daarin nog mee te kunnen nemen in de toewijzingsplannen. Die moeten in juni 2006 bij de Commissie worden ingeleverd. Zapfel deelt die zorg niet. "De meeste beslissingen omtrent de toewijzing zullen worden genomen in het tweede kwartaal van 2006. Tijd genoeg dus."

  • Terug naar Inhoud

  • Tijdens de Werkgroep III vergadering hebben landen ook gediscussieerd over de eisen aan de monitoring, rapportage en verificatie van de CO2 emissies van de bedrijven, met het oog op de tweede handelsperiode. Mede op basis van een bespreking met stakeholders heeft consultant Ecofys een lijst van 24 issues opgesteld waarop de stakeholders aanpassingen wilden zien. Eind juli zal de Europese Commissie al komen met een position paper waarin de prioriteiten onder deze 24 onderwerpen worden aangegeven.

    "Uiteraard zullen die onderwerpen voorrang krijgen die ook betekenis hebben voor de tweede toewijzing", zegt Chris Dekkers van VROM. "Zoals: wat doen we met biomassa, hoe verrekenen we de CO2 die in hoogovengas wordt overgedragen van een staalbedrijf naar een elektriciteitscentrale, hoe passen we oxidatiefactoren toe en hoe verrekenen we we bepaalde grondstoffen (kalk)? Daarnaast is er aandacht gegeven aan het formuleren van criteria voor kosteneffectiviteit, onzekerheid en andere aanpassingen ter verduidelijking van de tekst van de richtsnoeren." Een en ander zal resulteren in een aantal aanpassingen in de huidige versie van de richtsnoeren voor monitoring en rapportage.

    Over verificatie rapporteerden onderzoekers van PWC een overzicht van de stand van zaken in verschillende lidstaten. Daaruit bleek dat er grote verschillen zijn in de manier van accreditatie van verificateurs en dus in de manier van verificatie zelf. "Waar we waarschijnlijk uiteindelijk naartoe zullen moeten, en dan denk ik over een jaar of drie, is meer uniformiteit", aldus Dekkers. "Als we het daarover eens zouden kunnen worden, dan kunnen we volstaan met een 'guideline' waaraan de lidstaten zich houden. De Commissie gaat de situatie de komende zes maanden onderzoeken. Ook op basis van de verificaties van de emissieverslagen van de bedrijven die de eerste 3 maanden van 2006 plaats gaan vinden, zal vermoedelijk in juni 2006 duidelijker worden waar verbeteringen en aanpassingen nodig zijn."

  • Terug naar Inhoud

  • In het bijzijn van een honderdtal genodigden heeft staatssecretaris Van Geel op 1 juni de aftrap verricht van de NOx-emissiehandel. "Emissiehandel is een vernieuwend instrument. In de komende jaren moeten we bewijzen dat het een nuttig instrument is om onze doelen op een kosteneffectieve wijze te bereiken."

    De emissiehandel moet leiden tot lagere emissies van stikstofoxiden. Daartoe daalt de Performance Standard State van nu 68 gram per petajoule naar 40 g/GJ in 2010. Op die manier moet de totale industriŽle emissie dalen naar 55 kiloton per jaar in 2010. Onduidelijk is nog wat er moet gebeuren als de 55 kiloton dreigt te worden overschreden.

    Tijdens de bijeenkomst liet Arend Smit van handelsplatform Emissiebeurs al weten dat er reeds 460 ton NOx-rechten waren verhandeld. "Allemaal rechten voor 2005 en voor een prijs lager dan 1€ per kilo", aldus Smit, die verder geen details kwijt wilde. "Het verschil met de CO2-handelsmarkt is wel dat bedrijven al in 2006 moeten voldoen aan de eisen, terwijl voor CO2 in principe pas in 2007 de rekening hoeft te worden opgemaakt. De NOx-markt is een echte 'compliance'-markt, met minder ruimte voor speculatie.

  • Terug naar Inhoud

  • Op een viertal bedrijven na, hebben alle bedrijven hun vergunningaanvraag voor NOx-emissiehandel nu gehonoreerd gekregen. De NEa (Nederlandse Emissieautoriteit) heeft nu 253 vergunningen verstrekt.

    Van die 253 is ongeveer een kwart compleet nieuw. De rest van de vergunningen bestaat uit een wijziging in de vergunning die door deze bedrijven eerder voor CO2-emissiehandel is verkregen.

    De NEa overweegt nog wat te doen met de vier overblijvende vergunningaanvragen. Als de betreffende bedrijven te verwijten zijn, kan hun een dwangsom worden opgelegd voor elke dag uitstel. Daarna kunnen zij ook nog daadwerkelijk een boete krijgen.

  • Terug naar Inhoud

  • Met de EU-deadline van 30 juni 2006 in het vooruitzicht, is Nederland gestart met de voorbereidingen van de tweede toewijzing van CO2-emissierechten. In het voorafgaande overleg tussen overheid en bedrijfsleven zal een belangrijke rol worden weggelegd voor het 'Directeurenoverleg'.

    Dit 'publiek-private gremium' zal het kabinet direct adviseren over allerlei zaken omtrent de tweede handelsperiode van het systeem voor Europese emissiehandel, die loopt van 2008 tot en met 2012. "Natuurlijk zullen de bewindslieden zelf de beslissingen nemen", zegt Cees Oudshoorn, directeur Economische Zaken bij VNO-NCW, die namens deze werkgeversvereniging zitting heeft in het DO. "Maar ik verwacht wel dat het advies vanwege het grote draagvlak zwaar zal wegen."

    Oudshoorn toont zich verheugd met de nieuwe constructie. Daarin is nog altijd een sleutelrol weggelegd voor de Projectgroep CO2 Allocatie Plan (CAP II), waarin naast de overheid ook het bedrijfsleven is vertegenwoordigd. Deze bereidt de besluitvorming voor het tweede allocatieplan, net als voor de eerste, voor. Cruciale knopen worden echter door het Directeurenoverleg doorgehakt. Oudshoorn: "Bij de eerste toewijzing was er sprake van 'inspraak', maar dat is toch echt wat anders dan 'overleg'. De Poolse landdag die de eerste periode karakteriseerde is nu gelukkig voorbij. Dit is een stuk efficiŽnter."

    Afgelopen vrijdag vergaderde het Directeurenoverleg voor de eerste keer. Daarbij werden de afspraken bevestigd over het proces tot aan het indienen van het tweede allocatieplan en het bijbehorende toewijzingsbesluit. Het Directeurenoverleg gaat zich buigen over een lijst van onderwerpen die is samengesteld door de CAP. Daarop staan onder andere de kwestie van de definitie van 'verbrandingsinstallaties', die tot dusverre nogal ongelijk is behandeld door de verschillende lidstaten. Ook de 'kleine spelers', die in Nederland tijdens de eerste handelsperiode tot 2008 via opt-out buiten het systeem worden gehouden, staat op de lijst. Het streven is om de toewijzing 'zo eenvoudig mogelijk' te laten plaatsvinden, voortbouwend op de ervaringen met het eerste toewijzingsplan.

    Eťn van de eerste hete hangijzers zal de streefwaarde zijn voor het totale CO2-plafond voor de deelnemende sectoren. Bewindslieden Brinkhorst en Van Geel hebben in het verleden al meer dan eens aangegeven dat voor de tweede handelsperiode in principe net zo veel emissierechten (112 miljoen ton) beschikbaar zullen zijn als nu. Officieel wordt de streefwaarde pas openbaar in de komende Evaluatienota Klimaatbeleid, in september 2005. Oudshoorn: "Ik ken nog geen getal, wij gaan ervan uit dat we over de streefwaarde serieus overleg zullen hebben uitgaande van de 'licence to grow' die in de door ons afgesloten convenanten met de overheid is overeengekomen. We hebben de intentie dat overleg zo vroeg mogelijk in het proces te voeren, maar het is voorstelbaar dat de streefwaarde pas later wordt vastgesteld."

    De samenstelling van het Directeurenoverleg: Cees Oudshoorn (VN-NCW), Dominic Boot (VNPI), Paul van Rhoon (FME), Rien van Haperen (NUON), Hans Veenenbosch (VNCI), Henk van de Wetering (Corus), Pieter Boot (EZ), Willem Bruring (VROM), Wiel Klerken (CAP II, VNO-NCW), Paul van Slobbe (CAP II, EZ). Nicole van Klaveren (CAP II, EZ), Hans de Waal (CAP II, VROM).

  • Terug naar Inhoud

  • Tot en met 1 juli aanstaande kunnen nieuwkomers in de handel in broeikasgasemissierechten een verzoek indienen om toewijzing van rechten. Nieuwkomers moeten voldoen aan de regels die in de Wet milieubeheer (artikel 16.32) en het Allocatieplan CO2-emissierechten 2005-2007 (paragraaf 5.5 en bijlage C, paragraaf 7) zijn vastgelegd.

    Voor het verzoek maken nieuwkomers gebruik van de door de bewindslieden van EZ en VROM vastgestelde formulieren. Senternovem stelt de formulieren in elektronische vorm beschikbaar. Het verzoek en de bijbehorende formulieren dienen te worden gezonden naar:

    Minister van VROM
    t.a.v. de directeur van de Directie Klimaatverandering en Industrie
    IPC 650
    Postbus 30945
    2500 GX Den Haag

    Voor de formulieren, zie de site van Senternovem .

  • Terug naar Inhoud

  • Komende week organiseert de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) nog twee regionale workshops over de manier waarop nieuwkomers en veranderingen binnen een bedrijf moeten worden gemeld aan de CO2-vergunningverlenende instantie (zie ook de vorige nieuwsbrief).

    Eerder vonden twee drukbezochte workshops plaats in Den Bosch en Zwolle. Detwee resterende workshops vinden plaats op:
    - 22 juni in Utrecht
    - 28 juni in Den Haag

    Meer informatie: NEa afdeling Validatie en Vergunningen, 070 3391324, of mail.

  • Terug naar Inhoud

  • Recent heeft de Staatscourant de definitieve lijst gepubliceerd van bedrijven die gebruik maken van een door de Europese Commissie goedgekeurde mogelijkheid tot 'opt-out'. Zij vallen wel onder de definitie van de Europese richtlijn voor emissiehandel maar hoeven daaraan uiteindelijk niet deel te nemen.

    De publicatie volgt een recent positief besluit van de Europese Commissie over de laatste aanvraag voor opt-out door de Nederlandse regering. In totaal maken 150 inrichtingen gebruik van de opt-out. Voor het merendeel zijn het inrichtingen die een relatief geringe CO2-uitstoot hebben van minder dan 25 kton per jaar. Anderzijds zijn er ook enkele grotere inrichtingen die getroffen zouden worden door concurrentieverschillen, ontstaan door verschillende interpretaties van het begrip 'verbrandingsinstallaties' in verschillende lidstaten van de Europese Unie.

    De aanwijzing geldt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007. Voor de tweede periode kan volgens de Europese richtlijn geen sprake meer zijn van een opt-out. De 150 bedrijven zullen overigens wel blijven vallen onder de reguliere regels voor energiebesparende maatregelen, meerjarenafspraken of afspraken in het kader van het benchmark convenant.

  • Terug naar Inhoud

  • De Raad van State buigt zich momenteel over nationale toewijzingsbesluit zoals dat is gewijzigd naar aanleiding van 17 toegewezen beroepen van bedrijven, eerder dit jaar.

    De herziening maakt deel uit van de zogenaamde 'bestuurlijke lus', waarin de overheid eerst de kans krijgt van de Raad van State om tegemoet te komen aan het oordeel over beroepen van bedrijven, alvorens de Raad een definitief oordeel velt. Het is nu weer aan de bedrijven om te reageren.

    "We hebben goed geluisterd naar de bedrijven", aldus Hans de Waal van VROM. "Soms was het gewoon een goed verhaal en was het gemakkelijk om de argumenten in een nieuw besluit mee te wegen. Ik verwacht dat er nu slechts in enkele gevallen nog verschil bestaat tussen de zienswijze van de bedrijven en die van ons. Maar je weet natuurlijk nooit zeker. Ook andere dan de betreffende bedrijven kunnen vinden dat zij 'in hun belang worden getroffen', zoals dat heet."

    Voor het gewijzigde nationale toewijzingsbesluit, zie de site van Senternovem.

  • Terug naar Inhoud

  • 28-30 juni 2005: Power-Gen Europe, congres/ beurs voorelektriciteitsproductiesector, Milaan, ItaliŽ. Zie hier.

    29 juni 2005: Top Management Briefing Energie, Scheveningen. Zie hier.

    27-29 juli 2005: Cursus Energy Markets and Energy Derivatives, Londen. Zie hier (ook 12-14 december 2005).

    14 – 16 september 2005, Beurs Energie2005, Brabanthallen Den Bosch, http://www.energie2005.nl/.

    15 september 2005: Jaarconferentie CO2 reductie, The Grand Winston Hotel, Rijswijk. Zie hier.

    19-20 september 2005: Course Essentials of Gas Trading, Londen, zie hier (ook 5 en 6 december 2005).

    20-21 september 2005: Conferentie 6th annual European Gas Transport, Storage & LNG, Londen, kijk hier.

    20-22 september 2005: Metering, Billing & CRM/CIS Europe 2005, Barcelona, Spanje, meer info.

    22 september 2005: KVGN-jaarvergadering en symposium Gas voor Morgen, Almelo. Zie hier.

    29 september 2005: Nationale Conferentie Duurzame Energie 2005, Hilton Hotel Rotterdam. Zie hier voor meer info.

    4-5 oktober 2005: Esco Europe 2005, Wenen, Oostenrijk, kijk op de site.

    9-10 november 2005: Emart Energy 2005, Nice, Frankrijk, kijk hier.

    16-17 november 2005: Energex 2005 Brussel, BelgiŽ, zie hier.

    14-16 februari 2006: E-World Energy & Water, Essen, Duitsland, kijk hier.

  • Terug naar Inhoud

  • Deze nieuwsbrief wordt aan u verstuurd door de ministeries van EZ en VROM en door VNO-NCW, die gezamenlijk de Kerngroep CO2-Emissiehandel vormen. De nieuwsbrief staat onder redactie van Ecofys Publishing (eindredacteur Rolf de Vos).